sterilisatie voor hem

VRUCHTBAARHEID

Na de ingreep bent u nog niet meteen onvruchtbaar. De eerste maanden na de operatie komen er bij de zaadlozing nog zaadcellen vrij. Daarom moet u in deze periode nog een voorbehoedsmiddel blijven gebruiken.
Na tenminste 15-20 zaadlozingen, die u in ongeveer 3 maanden na de ingreep moet hebben, zijn de zaadcellen meestal verdwenen.
Na deze periode wordt het zaadmonster onderzocht. Dit onderzoek is essentieel voor het vaststellen van onvruchtbaarheid. Hiervoor krijgt u een potje mee, dat u dan met sperma moet inleveren. Het zaadmonster moet u binnen enkele uren na de zaadlozing inleveren. De uitslag van het onderzoek krijgt u van uw arts.
Zijn er geen zaadcellen meer zichtbaar dan is de sterilisatie geslaagd en de behandeling teneinde. In dit geval kunt u stoppen met andere voorbehoedsmiddelen.
Het kan voorkomen dat u meermalen een zaadmonster moet inleveren, totdat de uitslag laat zien dat er geen zaadcellen meer aanwezig zijn.