sterilisatie voor haar

HYSTEROSCOPISCHE STERILISATIE

Eerst kijkt de gynaecoloog of er geen afwijkingen zijn aan de baarmoeder en eierstokken. Hierbij is soms een inwendig onderzoek nodig. Daarnaast zal een echoscopisch onderzoek via de vagina, verdere afwijkingen moeten uitsluiten. Indien er geen afwijkingen worden gevonden kan de ingreep plaatsvinden.

Voorafgaand aan de behandeling krijgt u een aantal tabletten (Paracetamol en Diclofenac) om mogelijke kramp van de baarmoeder te voorkomen. De behandeling gebeurt via een kijkbuis (hysteroscoop). U neemt plaats op een onderzoekstoel met uw benen in beensteunen. Via de schede en de baarmoederhals brengt de gynaecoloog de kijkbuis in de baarmoederholte, om de binnenkant van de baarmoeder te kunnen bekijken. Er wordt geen eendebek spreider (speculum) gebruikt. Om de uitmonding van de eileiders bovenin de baarmoeder te kunnen zien, wordt via de kijkbuis de baarmoederholte gespoeld met water. De baarmoederholte zet hierdoor uit, waardoor soms een menstruatieachtige pijn kan optreden. Vervolgens brengt de gynaecoloog door de kijkbuis een dunne katheter in de baarmoeder die in de opening van de eileider wordt gebracht. Met de katheter wordt een heel dun veertje in de eileider geplaatst. De procedure wordt daarna herhaald bij de andere eileider. Tijdens het inbrengen van dit veertje, kunt u een lichte kramp van de eileider voelen. De ingreep zelf duurt minder dan tien minuten en u kunt alles op een beeldscherm volgen. Na afloop voelt u meestal niets meer en kunt u direct opstaan.

Bij ongeveer 3% tot 5% van de vrouwen is het niet mogelijk de veertjes in de eileider te brengen. Dit blijkt dan pas tijdens de ingreep.

Klik hier voor een filmpje van de procedure.

 Na de behandeling
Het uitzetten van de baarmoederholte kan leiden tot een menstruatie-achtige pijn. Dit lichte menstruatie gevoel zal binnen enkele uren na de ingreep zijn verdwenen. U kunt daarna alles doen wat u wilt, want medisch gezien zijn er geen beperkingen. Na drie maanden vindt er een controle plaats. Tot aan deze controle moet u andere voorbehoedmiddelen blijven gebruiken. Bij deze controle wordt een echo gemaakt om te kijken of de veertjes niet zijn verschoven. Zitten de veertjes nog op de juiste plaats dan kunt u met andere vormen van anticonceptie stoppen. In zeldzame gevallen is aanvullend onderzoek nodig door middel van een röntgenfoto van de buik. Dit gebeurt bij minder dan 8% van alle vrouwen die deze ingreep ondergaan

 

Na de behandeling komt uw eigen menstruatiecyclus weer op gang. De eicel wordt net als in andere situaties waarin geen zwangerschap ontstaat, door het lichaam opgeruimd. Hierdoor komt u na de sterilisatie niet eerder in de overgang.

 

Complicaties